Geplaatst door: susan2349 op: februari 18, 2011
Het programma op het Leids Film Festival is een beetje een rommeltje. Russen en Japanners zijn de enige zekerheden. Ook kun je wat grote titels verwachten, maar verder loop je tegen van alles aan. Oogst van vandaag: Mexicaans gedoe (nee, geen griep), quasi-documentaire en de nieuwe Michael Haneke.
Parque Via
Beto dweilt, poetst, veegt de tuin, maait het gras en kijkt wat televisie. Op gezette tijden krijgt hij Lupe, een prostituee, op bezoek. Dat is zijn leven: hij past op het huis van een rijke familie en dat is het. ‘Verveel je je niet?’ Vraagt de makelaar die het huis moet verkopen. Een ferm “nee” is Beto’s antwoord.
De Mexicaanse regisseur Enrique Rivero eist met deze minimalistische film heel wat geduld van de kijker. De film kabbelt langzaam naar een climax. De kijker moet door heel wat herhaling en dialoog arme scenes heen. Gelukkig maakt het sympathieke hoofdpersonage alles goed. Beto laat ons – verwende rijke Westerlingen – zien hoe iemand gehecht kan zijn aan een eenvoudig leven. Door veel aandacht voor geluid (elke voetstap is hoorbaar) en documentair filmen, wordt de kijker meegezogen in Beto’s eenzame bestaan.
Tevens werpt Parque Via een snelle blik op het contrast tussen arm en rijk. Met nadruk op snel, want behalve de afstandelijke ontmoetingen tussen Beto en zijn bazin, krijgt de kijker daar weinig zicht op. Het leven van Beto is het meest belangrijk in Parque Via. Hij kan leven met de kloof tussen rijk en arm en hoe onduidelijk dat is, dus moet de kijker dat ook maar doen. Voor iedere andere film was het ontwijken van dit licht aanwezige thema funest geweest, maar voor een persoonlijk portret als Parque Via werkt het.
Paper Heart
‘Has anyone been in love?!’ Schreeuwt Charlyne Yi op een overvol plein in Las Vegas. Ze wil het graag weten. Ze is nog nooit verliefd geweest en echt begrijpen doet ze de liefde ook niet.
Charlyne Yi gaat op reis door Amerika om grip te krijgen op de liefde. De reis voert haar langs een gescheiden man, highschool sweethearts van in de zestig, biologen en trouw ambtenaren in Las Vegas. Ondertussen wordt de naieve Charlyne zelf verliefd op acteur Michael Cera (bekend van de film Juno).
Paper heart is een speelfilm, maar wordt gepresenteerd als documentaire. De markante persoonlijkheden die door Charlyne geïnterviewd worden, zijn werkelijkheid. De liefde tussen Charlyne en Michael is fictie. Doordat dat laatste ook wordt gebracht als werkelijkheid, bevat de film een aantal komische momenten waarop de zogenaamde “crew” van de documentaire romantische momenten verstoord. Aan de andere kant wordt de naïviteit van Charlyne op den duur irritant en ongeloofwaardig.
Paper Heart is een originele kijk op de liefde, ondersteunt met verhalen van echte mensen en mooi poppenspel. Niet geschikt voor cynici.
Das Weisse Band
Behoeft Michael Haneke nog enige introductie? Goed, een snelle dan: Funny Games, La Pianiste, Caché, beklemmende narigheid, weinig zaligmakend. Zijn nieuwe film Das Weisse Band, die in Cannes een Gouden Palm won, past prima in het rijtje thuis.
Noord-Duitsland,1913. Nog niets wijst erop dat het spoedig oorlog zal worden. Een kleine, protestantse dorpsgemeenschap leidt hun eigen leven met eigen normen en sociale structuren. De baron, de dokter, de priester en de leraar zijn de belangrijkste figuren in het dorp. In de kleine gemeenschap verdwijnen kinderen, die dan mishandeld teruggevonden worden. Een heksenjacht, onder leiding van de priester begint. De kijker beleeft dit gegeven vanuit het perspectief van de leraar, die uit een ander dorp komt. Hij staat dus niet helemaal in de gemeenschap. Op deze manier houdt Haneke de kijker enigszins op afstand; de kijker die in het begin net zo’n vreemde is als de onderwijzer. De titel van de film verwijst naar een wit lint, die de kinderen van de priester krijgen omgebonden nadat ze ongehoorzaam zijn geweest. Het lint dient hen te herinneren aan hun deugd en onschuld.
Filmisch is Das Weisse Band een waar genot: Langgerekte shots van het dorpslandschap, rustgevende voice-over van de leraar (gespeeld door de debuterende Christian Friedel), precies goed gedoseerde inzet van muziek. Maar bovenal: De film is totaal in zwart wit. Haneke maakte die keuze om de kijker op afstand te houden. En dat lukt. Het is eveneens prettig dat de verminkte kinderen niet in beeld komen; het gegeven is er en de kijker mag verder zelf zijn fantasie gebruiken. Haneke neemt zijn publiek duidelijk serieus.
Zoals in al zijn films, werpt Haneke weer een zwarte blik op het menselijk doen en laten. Ook toont hij aan dat kinderen onmogelijk deugdzaam kunnen handelen als het leven van hun ouders vol zit van afgunst en kwaad. De ouders op hun beurt ontkennen dat de kinderen buiten hun boekje gaan, om hun eigen falen onder het tapijt te vegen. Kortom: genoeg stof om over na te denken totdat de volgende nare Haneke film voor de deur staat.